Hier bent uDe gave van de Geest aanwakkeren

De gave van de Geest aanwakkeren


Een vuur kan doven…

Afkomstig van de boerderij herinner ik mij hoe wij in het voorjaar dikwijls bomen rooiden.

De takken werden bij elkaar gesleept tot het een enorm grote hoop werd. Dan ging het vuur erin!Prachtig vonden wij dat als kinderen! Bij de invallende avond was het een imposant schouwspel. Maar de volgende morgen was het bijna gedoofd. Weg alle gloed! Geen vlammenzee meer! Maar een heleboel as en slechts een smeulend vlammetje! Als je er echter met een stok in ging porren, schoot zo weer een heldere vlam omhoog. En gooide je er nieuw brandbaar materiaal op, dan wakkerde het vuur aan. Paulus gebruikt in 2 Tim.1 ook het woord ‘aanwakkeren’. Het Griekse werkwoord bestaat uit 2 bestanddelen: ‘leven’en ‘vuur’ Het betekent, dat het vuur moet ‘opleven’. Geloof kan een smeulend vlammetje worden. Soms smeult er nog iets onder de as van de twijfel,de as van neerslachtigheid. Wij kennen geestelijk gezien allemaal perioden, waarin het vuur verdwenen is. Ons geloof wordt aarzelend. Het getuigenis verdwijnt. Wij teren op vroegere ervaringen! Timotheüs maakt iets dergelijks mee in zijn ambtsbediening. Hij is vanuit zichzelf een schuchter mens en gemakkelijk van slag te brengen. Paulus waarschuwt de Korinthiërs, dat zij ervoor moeten zorgen, dat Timotheüs bij zijn komst niet te zeer afgeschrikt wordt(1 Kor.16:10). Hij trekt zich n.l. snel in zijn schulp terug! En dan voor zo’n verantwoordelijke taak te staan: pastor/evangelist! God heeft hem de gave van de Geest gegeven om dit werk te doen. Hij is in het ambtswerk ingeleid in een plechtige dienst met handoplegging door de gezamenlijke oudsten (1 Tim.4:14). Maar dat indrukwekkende moment vervaagde. Nu Paulus gevangen genomen is en zijn einde tegemoet gaat, wordt hij bang. Het vuur van deze trouwe evangelist gaat doven. Een geestelijke ‘burn-out’! Straks zullen ze hem wellicht gevangen nemen! Straks zal het evangelie het moeten afleggen tegen de vijandschap! En wat moet hij zonder zijn ‘vaderlijke’vriend? Blijkens 2 Tim.1:8 ligt schaamte op de loer! Timotheüs schaamt zich bijna voor de zaak van het evangelie. Wij zullen niet op hem neerkijken. Wij herkennen veel in deze aarzelende evangelist. Soms zouden ook wij er voor weg willen glippen om openlijk voor Jezus uit te komen.Soms schaam je je om in de kring van vrienden het geloof ter sprake te brengen.Dan is het vuur bijna gedoofd onder de as van ‘schaaamte’en ‘kleingeloof’.

 

Waar brandde het vuur nog?

Soms moet je mensen herinneren aan een verleden, waarin het vuur van de Geest nog wel brandde. Paulus wijst Timotheüs op de gelovige opvoeding: een herinnering aan het ongeveinsde geloof van moeder en grootmoeder. Daar zit een aansporing in om in dat spoor verder te gaan. Hij herinnert Timotheüs aan de gave Gods, die door zijn handoplegging in hem is. Timotheüs, herinner jij je nog die plechtige dienst? Zie je het nog, die zegenende handen boven jou? Weet je het nog welke gave God je gaf om je werk te doen? Zelf zie ik mij weer knielen bij mijn intrede als predikant onder de kanselbijbel, een klein gebogen figuurtje in die grote kerk! Ik kreeg van mijn bevestiger prof.dr. W. van ’t Spijker de woorden mee :Ga heen in deze uw kracht. Ik zend U immers. Op een ‘dood punt’ heb ik een keer de bevestigingspreek opnieuw beluisterd, waarin gezegd werd, dat wij allemaal wel eens als Gideon moedeloos op de rand van de wijnpersbak zitten. Toen dacht ik:’het is nog diezelfde God, die mij roept. Ik zal gedenken hoe voor dezen…’ Soms is het goed terug te denken aan hoe God met je begon. Soms is het goed terug te denken aan de tijd van de eerste liefde en het eerste vuur. Vanuit dat gedenken mag je door Gods Geest nieuwe toewijding beleven!

 

Het vuur opnieuw aanwakkeren

Kijk naar de handoplegging,Timotheüs! Kijk naar Boven, naar wat God nog steeds door zijn Geest wil geven. Wij mogen aan eigen doop of huwelijksbevestiging denken: de zegenende handen van God boven ons hoofd als een belofte:’Ik zal er zijn!’ In het leven van elke dag mag je weten:Gij legt uw Hand op mij! Dan kun je verder! Er komt nieuwe gloed! Maar daar moet je wel iets voor doen. Gelovig biddend je handen naar die zegen uitstrekken en de Geest aanwakkeren! Maar kunnen wij de Geest tot grotere activiteit aanzetten? Hebben wij de Geest in onze ‘kleine vingers’? Dat bedoelt Paulus niet. Het is jezelf weer biddend voor de hulp van de Geest openstellen en de schuld van lauwheid belijden. Benoem de blokkades die bij ons het vuur onder de as hebben doen verdwijnen, zodat vlammen van nieuwe toewijding kunnen opschieten. God geeft ons geen Geest van lauwheid en lafheid, maar de Geest van kracht, van liefde en van bezonnenheid. Kracht heb je nodig om sterk te staan als ouder in de opvoeding, als tiener in een wereld van verleiding. Kracht heb je nodig om toch voor het geloof uit te komen. De Heilige Geest helpt ons telkens over onze drempels en blokkades heen.

Liefde heb je nodig. Wie bang is en zich uit de wereld terugtrekt, kan die wereld niet lief hebben, zoals God die lief heeft (Joh.3:16). Wie angstig wordt voor de boze wereld, trekt zich op een kerkelijk eilandje terug. We hebben bewogen liefde nodig voor de mens, die verloren dreigt te gaan. In opvoedingssituaties hebben wij bewogen liefde nodig om het hart van eigen kind te winnen. We hebben ook bezonnenheid (verstandig nadenken) nodig. Wij zijn nogal eens impulsief en onevenwichtig. Het gaat er om bezonnen en evenwichtig te blijven zeker wanneer wij mensen naar Jezus willen leiden. God wil ons daartoe de Geest geven! Welk een gave! Bidt daar om en wakker die gaven aan! Nieuw vuur, nieuwe liefde, nieuwe bezieling…we hebben het hard nodig in de kerk en in deze wereld.

A.Wagenaar

 

 

 

Kerkdienst luisteren

Luister hier tijdens de dienst. Kerkdienst gemist? luister dan hier.

Zoeken

Textgrootte

Current Size: 100%